Wat is integriteit
Integriteit is volgens Rob van Eijbergen een tijd- en cultuurgebonden begrip. De maatschappelijke tolerantie voor grensoverschrijdend gedrag is de afgelopen jaren afgenomen, mede onder invloed van bewegingen zoals #MeToo. Tegelijkertijd verschillen generaties in hoe zij naar integriteit kijken: jongere generaties accepteren bepaald gedrag minder snel.
Door veranderende normen en meer aandacht in de media voelen mensen zich vaker veilig om dit gedrag te melden, ook met terugwerkende kracht. Waar tijd en cultuur variabelen zijn voor hoe er naar integriteit wordt gekeken, blijven de risico’s constante factoren.
Risicofactoren binnen organisaties
Rob licht verschillende contextuele risicofactoren uit die integriteitsproblemen kunnen versterken:
- toxisch gedrag aan de top
- gesloten organisatieculturen
- gebrek aan tegenkracht
- gebrek aan feedbackcultuur
- beperkte meldmogelijkheden
- afhankelijkheidsrelaties (zoals bij zzp’ers of flexwerkers
Hij benoemt dat integriteitsproblemen zelden alleen over individuen gaan; de organisatiecontext speelt een cruciale rol.
Rol van de toezichthouder
Voor toezichthouders is het belangrijk om het onderwerp integriteit structureel op de agenda te zetten en hierover het gesprek te voeren met zowel elkaar als de directie. Daarbij is het voor toezichthouders essentieel om:
- hun rol te kennen en juist niet op de stoel van de directeur te gaan zitten
- gezamenlijke normen en kaders te bespreken
- aandacht te hebben voor signalen en onderbuikgevoelens m.b.t. de organisatie
- preventief te handelen
Toezichthouders moeten zich bewust zijn van hun rol en verantwoordelijkheid, zonder de uitvoerende verantwoordelijkheid van de directie over te nemen.
Omgaan met meldingen en incidenten
Wanneer er meldingen zijn, is zorgvuldigheid het belangrijkst. Een persoonsgericht onderzoek onderzoek kan grote impact hebben en moet als laatste redmiddel worden ingezet. Belangrijke stappen in dit proces zijn:
- eerst goed begrijpen wat er speelt (objectiveren)
- niet overhaast handelen, ook niet onder mediadruk
- hoor en wederhoor toepassen
- eventueel externe expertise inschakelen
Bij meerdere signalen kan een organisatieonderzoek naar onderliggende dynamieken passender zijn dan een persoonsgericht onderzoek.
Toezicht op toezicht
Toezichthouders dienen ook kritisch naar hun eigen functioneren te kijken, bijvoorbeeld via periodieke zelfevaluaties. De vraag “wie houdt toezicht op de toezichthouder?” vraagt om reflectie, transparantie en eventueel betrokkenheid van externe partijen zoals een ondernemingsraad of subsidiegevers.
Belangrijkste tips
- Zet integriteit en sociale veiligheid actief op de agenda
- Maak het onderwerp bespreekbaar, ook preventief
- Blijf rolvast als toezichthouder
- Formuleer en bespreek gezamenlijke normen
- Houd gevoel met wat er speelt in de organisatie
- Bij signalen of meldingen: hou het klein, maar pak het wel op
Verder lezen
Psychologische veiligheid in organisaties van Rob van Eijbergen en Elmira Nijhuis